Friday, December 27, 2013

Je bent er al

When you get to that place
that's just under the stars
hanging over the tree
at a quarter to three
When you get there you'll know
that's as far as you'll go
when you get there you'll see
You were already free.

Patty Griffin, Coming home to me







Kwart voor 3 'snachts. Ik sta aan het aanrecht en brand mijn vingers aan 9 kilo gebraden varkensvlees. Het komt net uit de oven en ik moet het in stukjes scheuren nu het nog warm is, en liefst zo snel mogelijk, want dan kan ik (eindelijk) naar bed.
Ik maak voor 55 mensen pulled pork, en hoewel mijn bron me vertelde dat het vlees na een uurtje of 4 klaar zou zijn, duurde het een uur of 8 tot het zacht, mals en 'pullable' was. En dat was niet erg geweest, als ik het niet pas om 7 uur 'savonds in de oven had gezet..

De enige die nu plezier heeft is de kat. Hij draait luid spinnend achtjes om mijn enkels, in de hoop dat er een draadje vlees op de vloer zal belanden.

Om kwart over 3 kruip ik in bed. Mijn vingers ruiken naar varkensgebraad en barbequesaus. "You could put that sauce on shit and people will still be happy!" Aldus mijn Amerikaanse vriendin. Ik hoop dat dat niet nodig is. Dat het vlees eetbaar is, dat ik mijn 55 collega's niet ga teleurstellen, morgen.

Ik lig nog lang wakker, natuurlijk. Ik heb meer dan genoeg om over wakker te liggen. Over een uur of 4 moet ik alweer weer op, en dan begint de Grote Dag. Een lange dag in de keuken - ik, 2 gaspitten en een oven, een koelkast vol boodschappen, en aan het eind van die dag 55 mensen die een driegangen-kerstdiner voorgeschoteld moeten krijgen. Ik ben een beetje verkouden en maak me druk dat ik morgen met keelpijn en een verstopt hoofd aan het fornuis zal staan. Dat de bonenstoofpot niet in mijn grootste pan zal passen. Dat er niet genoeg plakjes gerookte eendenborst zijn. Dat ik de slagroom tot boter zal slaan. Dat het vlees morgen taai zal blijken te zijn, als ik het opwarm in die goddelijke saus. Krijg ik alles wel op tijd af? Val ik halverwege de dag in slaap?

Maar het gekke is. Er gaan wel heel veel gedachtes door mijn hoofd, en ik denk aan vanalles, maar in paniek ben ik niet.

Nu, hier, in mijn donkere kamer, middenin deze winternacht, ben ik precies waar ik wil zijn en is alles wat er is, precies goed.

Ik denk aan de liefde die er was en die bleef en die blijft. Ik denk aan de liefde die mooi was en verdween. Ik denk aan de liefde waar ik afscheid van nam maar die helemaal niet weg bleek te zijn, en aan de liefde, die spannend is nieuw. En ik denk aan alle liefde die niet in hokjes en vormpjes past, waar geen etiketten op te plakken zijn, alle mensen die mijn leven mooier en rijker en leerzamer en leuker maken.

Ik denk eraan hoe het nog maar een paar maanden geleden is dat ik het liefst helemaal mijn bed niet uit kwam, ook niet om kwart voor 3 's middags. Wie me toen had verteld dat ik in december een kerstdiner voor al mijn collega's zou koken, had ik uitgelachen. Of waarschijnlijk niet, want er viel niet veel te lachen, toen.

Er is zoveel veranderd en eigenlijk is er niets veranderd. Ik ben dingen kwijt geraakt, er is pijn die nog steeds pijn doet, onzekerheden die nooit in zekerheden zullen veranderen. Het enige wat veranderd is, is dat het vertrouwen dat ergens halverwege het jaar zoek raakte, is terug gekomen. En als dat er is, wat maakt het dan eigenlijk verder uit wat er gebeurt?

De volgende avond zit ik aan tafel met al mijn collega's. En er is Het Moment: die paar seconden dat het stil is, als iedereen begint met eten, een verwachtingsvolle spanning en dan de ontspanning als de eerste happen genomen zijn en mensen elkaar aankijken en zeggen 'mmm lekker!'
Het vlees is perfect, natuurlijk. Ik vind zelf alles wat er op mijn bord ligt ook enorm lekker, en op de after-party word ik heerlijk dronken. Ik fiets zwieberend naar huis, de echo's van alle complimentjes nog in mijn hoofd. Die zal ik me nog herinneren, morgen.

Maar vooral zal ik me het gevoel herinneren van de stille nacht, waarin even alles mis leek te gaan, maar waarin toch alles klopte.

Ik wens iedereen:

Vertrouwen.

Friday, November 22, 2013

Achter gesloten deuren

There are some things that must remain secret
That I can find no good reason to tell
There's too many men telling their secrets these days
and I'd like to tell them
to all go to hell
And I never had dreams and they never came true
As far as you know anyway
To the wind, you're a toy
just a drunk Irish boy
Just a face in the crowd
but I'll be back around
To show you all something someday
Patty Griffin, 'Irish Boy'



IMG_1802

Wat is een geheim? Volgens het woordenboek: iets wat niemand weet of mag weten. Maar waarom? Kennelijk omdat het moment van kennisoverdracht, het moment dat het geheim geen geheim meer is maar openbaar, dit onaangenaam is voor alle (of tenminste sommige van) de betrokkenen. Die schamen zich, worden gekwetst, halen zich woede, agressie, afkeuring of minachting op de hals - allemaal dingen die je liever wilt voorkomen.

Maar is het wel altijd zo erg?

"Wat dapper, dat jij je geheimen zo deelt met de hele wereld," zei iemand gisteren tegen mij.
Ik moest daar even over nadenken. Dapper voel ik me wel, ja. Wat ik doe - schrijven over mijn persoonlijke leven, hier en meer nog elders - is eng, omdat je de reacties niet kunt inschatten. Het is inderdaad mogelijk dat mensen boos op me worden. Me niet begrijpen. Me raar of belachelijk vinden. Maar gek genoeg heb ik niet het gevoel dat ik geheimen deel. Ik heb niet het gevoel dat ik dingen vertel die 'niemand mag weten'. Ik schrijf over mezelf, en ik kan eigenlijk zo weinig redenen bedenken om dat niet te doen.

Zolang ik anderen niet kwets of te kijk zet, zolang ik alleen schrijf over wat zich afspeelt in mijn eigen hoofd, in mijn eigen hart, in mijn huis, aan mijn tafel, ja en zelfs in mijn bed - wie kan daar last van hebben?

Ik ben er nog niet uit en ik heb geen antwoord. Is er een dunne of een duidelijke lijn tussen openhartigheid en exhibitionisme? Vanuit welke motieven deel ik mezelf en mijn gedachtes met anderen? Daar valt nog een hoop over te denken en te schrijven. En dat is precies wat ik van plan ben.

Er zijn, denk ik, maar twee manieren om naar de wereld te kijken: met angst, of met liefde. Soms overheerst de een en soms wint de ander, maar ik weet wel welke van de twee ik het meeste aandacht wil geven. Na het grootste deel van mijn leven beslissingen te hebben genomen (of, want daar kwam het meestal op neer, geen beslissingen te hebben genomen) op basis van de dingen waar ik bang voor was - en dat waren er ontelbaar veel - probeer ik het nu op een andere manier. De onverschrokken manier. De open manier. Waarin ik vertrouw op mezelf en op de mensen die me lief zijn.

Omdat ik niet pas 'some day' iets aan de wereld wil laten zien, maar vandaag;
omdat ik dromen heb en me daarvoor niet schaam;
omdat ik geen speelbal van de wind ben;
maar mijn leven vorm geef zoals ik dat wil.

Wednesday, November 13, 2013

Nu en straks

IMG_4211
(Colorado, september 2013)

Het park op deze herfstochtend is adembenemend.
Donkerpaarse wolkenluchten waar de zon achter vandaan komt om de bladeren, in alle variaties groen en goud en rood en bruin, op te doen lichten. De honden op de grote speelwei staan tot aan hun oksels in een lichtgrijze poederige nevel. Ik wil afstappen en hier naar kijken, hier van genieten. Maar dat kan niet, want ik word ergens verwacht, ergens wacht iemand op me, die er niet erg vrolijk van zal worden als ik straks zeg 'sorry dat ik te laat ben, ik werd zo afgeleid door de herfstmist in het park'.

Dus fiets ik door, en denk intussen na over nu en straks.

Soms kun je er niet omheen, om het straks. Als je op tijd ergens moet zijn - wie kan zich dan verliezen in het moment?

Er staan hier in mijn leven een paar dingen te gebeuren waar ik me druk over maak, zenuwachtig over ben. Alles kan alle kanten op: vreugde, opluchting, trots en spannend plezier, of teleurstelling, schaamte, afwijzing en verdriet. Ik heb beide scenarios al tot in detail uitgewerkt en van elk script ook nog verschillende versies geschreven. Het is verbazingwekkend wat je kunt bereiken als je elke ochtend om 6 uur wakker wordt en niet meer in slaap valt, hoe je jezelf ook wendt of keert.

Het is dan misschien ook niet voor niets dat ik al drie avonden op de bank heb gezeten met de kat aan mijn zij en een half oog op mijn breiwerkje en een half oog op Say yes to the dress.

[Nee echt. Weinig programma's zo rustgevend als dit. Aanstaande bruiden die stuk voor stuk melden dat ze het 'anders dan anders' willen en vervolgens tevoorschijn komen in de meest klassieke witte schuimpjes-prinsessenjurken. Huilende moeders, pruilende bruidsmeisjes, budgetten van 15.000 dollar voor een jurk van ene Pnina Tournai die kennelijk de meest gewilde bruidsjurkontwerpster van nu is ("I want a Pnina!"). En als de jurkenconsulente aan de bruid vraagt: vertel eens wat over je verloofde? is het antwoord steevast: "He's the perfect guy for me, because he's my soulmate, my best friend, and a really good listener!"
Ik hoop dat er iemand zo slim is om over 5 jaar een documentaire te maken over deze bruiden en de houdbaarheid van hun huwelijksgeluk.]

Maar, dit alles, terzijde.

De dag van vandaag, en de avond van vandaag, was door deze scriptschrijver helemaal dichtgetimnmerd. Toen vroeg om 5 uur iemand: ga je straks mee een biertje drinken?
En ik zei, nee, dat kan niet, ik heb een familieding te doen.
En even later dacht ik: het kan best! Na het familieding, een biertje drinken.


Zo zat ik om 7 uur in het cafe met een dierbare vriend. We dronken bier en aten pinda's, rookten tussendoor een sigaret. En we praatten over werk en leven en liefde.

En toen we genoeg gedronken hadden ging ik naar huis. Ik gaf de kat te eten die achter de voordeur miauwend op me zat te wachten. Ik maakte voor mezelf een bordje pasta met tomatensaus. Ik ging op de bank zitten en tikte dit stukje.

En ik was best heel gelukkig, de hoofdrol spelend in mijn eigen onverwachte script.

Nu.

Tuesday, November 12, 2013

Dag, Bloem


Ik open het raam en laat het najaar binnen,
Het onuitsprekelijke, het van weleer
En van altijd. Als ik één ding begeer
Is het: dit tot het laatst beminnen.

uit: J.C. Bloem, De Gelatene


IMG_3586

Ik zit in de grote bruine leren stoel voor mijn tweewekelijkse psychische onderhoudsbeurt. Zo'n 10 jaar geleden kwam ik hier voor het eerst. Soms hoefde ik jarenlang niet aan te bellen, maar als het universum me weer eens met iets (voor mij) onbegrijpelijks om de oren sloeg, was deze plek er altijd.
De man tegenover me is een beetje ouder geworden en een beetje dikker. Net als ik. De leren fauteuils zijn een keer vervangen (en het was hoogste tijd, je zakte er steeds verder en dieper in weg, niet echt ideaal voor mensen die het leven even niet meer zo zien zitten). Maar verder veranderde er weinig. Dezelfde boeken staan nog steeds een beetje scheef in de boekenkast, het espresso apparaat ziet eruit alsof het nooit gebruikt wordt.

Het meest rustgevend onveranderlijke is het uitzicht. Vanuit de ramen van het oude grachtenpand kijk je uit op een binnentuin, of eigenlijk niet op de tuin maar op de huizen en daken aan de andere kant van de binnentuin. Ik kijk veel naar buiten, als ik in de bruine leren stoel zit en over mezelf praat, omdat het nu eenmaal heel moeilijk is om continu iemand aan te kijken als je diep in jezelf graaft naar lang vergeten gevoelens.

Er is een klein dakterras te zien, waar nooit iemand op zit. Een trappenhuis, rommelige gevels, kozijnen die wel een likje verf kunnen gebruiken. Een muur met van die ijzeren beslagen erop waarvan ik niet weet hoe ze heten, maar die bedoeld zijn (denk ik) om verzakkingen te voorkomen.

De man in de leren stoel tegenover me heeft het net als ik niet snel koud, en vaak staat het raam dus open, al vraagt hij altijd even of ik daar geen last van heb.

Vandaag leiden de poederblauwe najaarslucht en de goudkleurige bomen in de binnentuin me af. Ik staar naar buiten terwijl ik de koele ochtendlucht de kamer in voel stromen.

Waar denk je aan, vraagt de man tegenover me, als ik even niets heb gezegd.

"Aan het herfstgedicht van Bloem, je weet wel", zeg ik.
"Nee?"
En daar borrelt het op, lang geleden uit mijn hoofd geleerd. De woorden van Bloem vullen de ruimte die zo vaak gevuld wordt met tranen en moeilijke verhalen en wanhoop. 'Het onuitsprekelijke, het van weleer'.

Het was een mooi moment.

Monday, October 21, 2013

Elf gram lichter

IMG_1921


De meeste mensen vinden dat de lente een mooie tijd is voor een nieuw begin.
Ik heb dat gevoel eigenblijk altijd meer in de herfst. De zomer van luiheid en rondhangen op terrasjes is voorbij, de lucht is koel en fris (goed voor je hersens, voor de mijne tenminste), er stroomt iets - niet de zich openende bloemen en planten van de lente, meer een creatieve stroom, die eerst naar binnen gaat en dan naar buiten.

Ik hoef echt niet nog een keer te zeggen dat ik geen leuke zomer had, nou goed vooruit dan 1 keertje nog. Wat ik niet eerder gezegd heb, is dat het best moeilijk bleek om van die minder mooie maanden afscheid te nemen, hoewel ik vaak gezegd heb, 'ik wou dat het een paar maanden later was'.
Misschien kwam het omdat we naar het andere eind van de wereld vertrokken toen het hier nog hartje zomer was, en terugkwamen bij herfstige luchten en 6 graden Celcius. Misschien kwam het gewoon omdat loslaten niet echt mijn allergrootste talent is.

Sinds vanochtend ben ik 11 gram lichter. Niet veel, zul je zeggen. Maar die 11 gram droeg ik met me mee sinds midzomer, een nutteloze 11 gram was het, die ik elke dag meerdere malen in mijn hand hield, bekeek, die me elke dag meerdere keren eraan herinnerde dat het me niet lukte om los te laten.

Een stukje metaal van 11 gram, mij ooit gegeven door iemand die me zo vertrouwde dat hij me binnen liet, letterlijk en figuurlijk. Elke dag als ik een deur open deed of afsloot, thuis en op mijn werk, moest ik even goed kijken welke sleutel ik pakte - die van mezelf of die andere, die inmiddels nutteloze, die zo leek op de sleutels die ik dagelijks nodig heb?

En elke dag dacht ik, ik moet dat ding maar eens eraf halen, en ik deed het nooit.

Natuurlijk weet ik wel waarom. Wat doe je met zo'n stukje metaal van 11 gram, het stukje metaal dat ooit symbool was van vertrouwdheid en vanzelfsprekendheid? Zolang het aan mijn sleutelbos hing hoefde ik daar niet over na te denken. Nu ligt het op de keukenweegschaal, omdat ik benieuwd was hoeveel het woog, en als ik vanmiddag een appeltaart ga bakken zal die sleutel toch echt ergens anders naar toe verhuizen.

Er is nog wel een laatje, denk ik, met meer van dat soort objecten.

Het is herfst en tijd voor nieuwe dingen. Dichte deuren aan de ene kant, mogelijkheden aan de andere. Wie klopt er aan?

Friday, October 18, 2013

MascotteMan




Een jaar of 10 geleden zei ik de ene baan vaarwel, om redenen die toen heel dringend leken maar die ik me nu eigenlijk niet meer kan herinneren, en ging ergens anders werken, op een plek waar ik al snel stukken ongelukkiger was dan voorheen.

Vier keer per week fietste ik sochtends op dezelfde tijd dezelfde route naar hetzelfde gebouw aan de rand van de stad. En elke ochtend kwam ik, op hetzelfde moment, dezelfde man tegen.

Hij fietste me dan tegemoet, een lange tanige man voorvergebogen op een racefiets. Wapperend grijs haar, donkere wenkbrauwen, en altijd dezelfde blik op oneindig. Ik schatte hem ergens in de 40. Hij had zomer en winter hetzelfde rode windjack aan. Op sommige dagen fietsten er twee pubermeisjes naast hem, meisjes met spitse gezichtjes en lang steil haar en dunne benen. Als het hard waaide en ze wind tegen hadden, had de man zijn hand op de rug van de jongste en duwde haar voort.

Ik ging aan ze wennen, en kreeg de neiging hem te groeten, maar omdat hij altijd strak voor zich uit keek, kwam dat er nooit van.

Na een paar jaar nam ik een verstandige beslissing en vroeg of ik terug mocht, naar die oude baan. De redenen om er niet meer te willen werken waren vervaagd, de goede herinneringen waren gebleven. En zo ging mijn dagelijkse route door andere straten en andere parken.

Na een paar maanden was hij daar ineens. Fietste me tegemoet, in een heel ander stadsdeel: mijn Mascotte Man.

Vanaf dat moment zag ik hem zo 1 keer in de paar maanden. Toen ik verhuisd was, en alweer een nieuwe route naar mijn werk nam, dacht ik dat ik hem kwijt was - maar evengoed fietste hij op een dag gewoon mijn blikveld weer binnen. Wapperende krullen, wat grijzer geworden, rood jack.

Ik heb hem nooit op een ander tijdstip gezien dan rond half 9 sochtends, ik heb hem nooit anders gezien dan mij aan de andere kant van de straat tegemoet komend.

De meisjes waren er niet meer bij.

Een jaar geleden fietste ik sochtends een collega achterop, en we reden samen verder, en raakten in gesprek over hoe gek het was dat hoewel wij in dezelfde buurt wonen en door dezelfde straten naar ons werk rijden, elke ochtend, we elkaar nooit tegenkomen. Ik vertelde het verhaal over mijn Mascotte Man, over de willekeur waarmee hij mjn ochtend in en uitwaait. Hoe hij langzaamaan een soort gelukspoppetje voor me was geworden - een ontmoeting met hem gaf de dag een speciale betekenis.

Tijdens het vertellen keek ik meer naar mijn collega naast me dan naar de weg, en daardoor miste ik hem bijna, maar toch net niet, hij reed voorbij, ik keek om en keek hem na en zei: "Je gelóóft het niet, maar daar fietste hij!" Zij keek ook om en zei "Wie dan?" en was net te laat. Hij was de hoek al om gezwaaid.

"Je hebt hem gewoon verzonnen," zei ze. "Ik zag helemaal niemand met een rood jack."
"Tegenwoordig heeft hij soms ook een zwart jack aan," zei ik.
Ik wist heel erg zeker dat hij geen hersenspinsel was.

Vanochtend fietste ik door het Vondelpark. Ik was moe, had te weinig geslapen, maar de reden waarom ik te weinig had geslapen was mooi en vrolijkmakend, en daarom was ik toch in een goed humeur. Ik bedacht me dat ik ergens over wilde schrijven. Ik ging in gedachten langs alle kleine blogpost ideeen die in het archief van mijn hoofd in talloze vakjes en laatjes liggen opgeborgen.

'Mascotte Man', dacht ik. 'Daar kan ik wel eens over schrijven.'

En daar was hij. Als een vallende ster zoefde hij me voorbij, en wat is het jammer, dat hij mijn glimlach niet gezien heeft.

Tuesday, October 15, 2013

In de arena

2013-09-25 11.35.38



Theodore Roosevelt in 1910, lezing aan de Sorbonne:


"It is not the critic who counts; not the man who points out how the strong man stumbles, or where the doer of deeds could have done them better.
The credit belongs to the man who is actually in the arena, whose face is marred by dust and sweat and blood; who strives valiantly; who errs, who comes short again and again, because there is no effort without error and shortcoming;
but who does actually strive to do the deeds; who knows great enthusiasms, the great devotions;
who spends himself in a worthy cause; who at the best knows in the end the triumph of high achievement, and who at the worst, if he fails, at least fails while daring greatly, so that his place shall never be with those cold and timid souls who neither know victory nor defeat."

********


Ik deed iets heel engs.
Ik keek naar binnen en raapte wat woorden van de bodem van mijn hart, woorden die daar al een poosje lagen te branden en de borrelen. Ik verpakte ze in een mooi, glanzend papier, bond er een strik om. En toen het moment daar was, bood ik ze aan aan de persoon voor wie ze bedoeld waren.

Hij maakte het pakje open, langzaam en met aandacht. De strik stopte hij in zijn zak. Het papier legde hij voor zich op tafel, nadat hij de kreukels eruit had gestreken en het zorgvuldig tot een kleine rechthoek had opgevouwen.
De woorden gaf hij aan me terug.

Ik ging naar de wc, dronk een slok water en keek mezelf aan in de spiegel. Dit was niet zoals ik had gehoopt dat het zou gaan. De gedroomde uitkomst was anders - maar aan de knoop in mijn buik die de hele middag zeurend om aandacht had gevraagd, had ik al kunnen voelen dat ik er zelf ook niet zeker van was geweest, van die uitkomst.

Ik moest dus maar verdrietig zijn, en teleurgesteld?

Eigenlijk was dat niet zo. Ik wist heel zeker, en de vrouw in de spiegel wist dat nog zekerder, dat ik teleurgesteld zou zijn geweest - in mezelf - als de knoop in mijn buik het vandaag had gewonnen, en als ik naar huis was gegaan met het glimmende pakje nog in mijn tas.
Maar nu. Voor het sinds hele lange tijd was ik blij met wat er was (veel) in plaats van me af te vragen waarom er toch alsjeblieft niet meer kon zijn?

Wie ten strijde trekt valt soms. Ik sta weer op, met een beetje stof op mijn knieën, een heel klein deukje in mijn ego. Het is allemaal de moeite waard, om met groot enthousiasme en grote toewijding te doen wat waar is.

Want wie wil er nou horen bij de koude en angstige zielen?

Monday, October 14, 2013

Deel dit: Middernacht in Malibu

IMG_1141


Na al mijn commentaar op de digitale wereld werd ik vandaag weer even hardhandig met mijn neus op de feiten gedrukt: het internet is behoorlijk geweldig.

Via via kwam deze tekst me onder ogen: een email die acteur Anthony Hopkins stuurde aan acteur Bryan Cranston, na het kijken van een marathon sessie Breaking Bad. Het is middernacht in Malibu, en Hopkins is zo vervuld van bewondering dat hij dat met Cranston wil delen.

Dear Mister Cranston.

I wanted to write you this email - so I am contacting you through Jeremy Barber - I take it we are both represented by UTA . Great agency.

I've just finished a marathon of watching "BREAKING BAD" - from episode one of the First Season - to the last eight episodes of the Sixth Season. (I downloaded the last season on AMAZON) A total of two weeks (addictive) viewing.

I have never watched anything like it. Brilliant!

Your performance as Walter White was the best acting I have seen - ever.

I know there is so much smoke blowing and sickening bullshit in this business, and I've sort of lost belief in anything really.

But this work of yours is spectacular - absolutely stunning. What is extraordinary, is the sheer power of everyone in the entire production. What was it? Five or six years in the making? How the producers (yourself being one of them), the writers, directors, cinematographers.... every department - casting etc. managed to keep the discipline and control from beginning to the end is (that over used word) awesome.

From what started as a black comedy, descended into a labyrinth of blood, destruction and hell. It was like a great Jacobean, Shakespearian or Greek Tragedy.

If you ever get a chance to - would you pass on my admiration to everyone - Anna Gunn, Dean Norris, Aaron Paul, Betsy Brandt, R.J. Mitte, Bob Odenkirk, Jonathan Banks, Steven Michael Quezada - everyone - everyone gave master classes of performance ... The list is endless.

Thank you. That kind of work/artistry is rare, and when, once in a while, it occurs, as in this epic work, it restores confidence.

You and all the cast are the best actors I've ever seen.

That may sound like a good lung full of smoke blowing. But it is not. It's almost midnight out here in Malibu, and I felt compelled to write this email.

Congratulations and my deepest respect. You are truly a great, great actor.

Best regards

Tony Hopkins.





Zonder het internet was deze brief waarschijnlijk nooit geschreven - omdat de kans dat de impuls zo'n fanbrief te sturen verflauwt als je moet gaan uitzoeken waar iemand woont, als je ontdekt geen postzegels te hebben, nog naar de brievenbus moet - heel groot is. Email maakt het zo eenvoudig om snel iemand te laten weten wat je denkt en vindt en voelt.

[Ik moest denken aan de mail die ik, jaren geleden, impulsief stuurde aan de uitgever van Chaim Potok. Ik had voor de zoveelste keer met ontroering en ontzag zijn Book of Lights gelezen, en wilde tegen hem zeggen, zomaar, dat ik zoveel hield van zijn werk en hoe belangrijk het voor me was. Een maand later rolde er ineens een mail van Potok himself mijn mailbox binnen. De exacte woorden weet ik niet meer, maar het waren 5 elegante zinnen in de trant van 'Thank you for taking the time to get in touch with me, I am glad my work is bringing you joy."]

Zonder het internet had ik deze mail van Hopkins nooit gezien.

Waarom is dit mooi - zo mooi dat de tranen me ervan in de ogen schoten? Ik geef toe dat dat misschien ook gedeeltelijk aan mijn huidige toestand toegeschreven kan worden, die nog steeds wel een klein beetje labiel te noemen is. Maar nee. Maar toch. Dit is gewoon heel prachtig, en ik weet ook waarom: omdat het ego-loos is. Hopkins is nergens in deze mail, en juist daarom is hij er helemaal. Het lukt hem om een hele brief te schrijven vol pure, zuivere bewondering, over het geluksgevoel wat hij ervaren heeft bij het kijken naar iets moois, gemaakt door talentvolle mensen. Gewoon omdat hij het wil delen. Zonder bijbedoeling. Niet omdat hij Cranston wil ontmoeten, niet omdat hij een rolletje in de nieuwe tv serie van Gilligan wil, niet omdat hij verliefd is op Anna Gunn en zo bij haar in de buurt probeert te komen (en wie zou het hem kwalijk nemen).

Ja, da's makkelijk voor een Anthony Hopkins, hoor ik je denken. Die heeft alles al, is zelf wereldberoemd, krijgt zelf aan de lopende band fanmail. Allicht dat hij moeiteloos een brief zonder bijbedoelingen kan schrijven.

Ik denk - Hopkins is een groot mens en een groot acteur juist omdat hij dit talent heeft: delen zonder bijbedoeling.

Een goede vriend nam gisteren afscheid van Facebook. Ik snap het wel, en ik vecht zelf met de verslaving aan de oppervlakkigheid, en de vaak helemaal niet zo grote sociaalheid van de sociale media. Maar als ik zo'n brief lees, als ik denk aan mijn mail van Potok, als ik denk aan de mensen die nooit in mijn leven gekomen zouden zijn zonder het internet - dan hou ik weer even op met mopperen.

En deel.

Sunday, October 13, 2013

Gloria danst alleen

spoiler alert, voor wie de film nog wil gaan zien zonder te weten hoe het afloopt!



Daar is Gloria.
Ze is achter in de vijftig.
Ze is gescheiden, met volwassen kinderen die ze naar haar zin net iets te weinig ziet. Ze heeft een leuk huis en een baan en een schoonmaakster en een collectie grote designerbrillen. Ze heeft het druk, haar leven is vol, maar toch zoekt ze nog iets en daarom gaat ze af en toe in het weekend naar een disco voor senioren. Daar drinkt ze een glaasje teveel, flirt, wacht tot iemand haar ten dans vraagt, danst. En gaat uren later op enigszins wankele benen alleen naar huis, waar ze opgewacht wordt door de verwaarloosde kat van haar verslaafde buurjongen.

Een keer, op zo'n avond vangt ze over de schouder van haar danspartner de blik van een man. Hij kijkt weg, verlegen, zij blijft kijken, zonder schaamte. Ze ziet iets in hem, ze wil hem, ze spreekt hem aan en aan het eind van de avond neemt ze hem mee naar huis en gaat met hem naar bed.

Gloria ziet in deze Rodolfo eigenlijk niet veel meer dan een leuke one night stand - ze maakt zich geen illusies. Ze is dan ook een beetje verbaasd als hij haar een paar dagen later opbelt omdat hij haar nog een keer wil zien, en nog verbaasder als hij haar vervolgens vertelt dat hij zo enorm onder de indruk is van haar, en dat ze hem zijn levensvreugde heeft teruggegeven.

Hij: gescheiden, met een ex en volwassen dochters die nog steeds volledig financieel en emotioneel van hem afhankelijk zijn, kan wel wat levensvreugde gebruiken.

En zij, ze smelt en ze valt. Voor zijn aandacht, de seks, zijn enthousiasme voor haar. Ze begint te geloven dat dit de nieuwe liefde is waar ze, al wilde ze het zichzelf niet toegeven, eigenlijk naar op zoek was. Ze laat haar voorzichtigheid varen en ze geeft haar hart, helemaal, en als ze in de gaten krijgt dat deze Rodolfo haar overgave niet aankan - is het te laat.

Ze doet haar ogen dicht en wil zo graag geloven dat dit hem is, de Liefde. En dan gaat alles mis: hij leest haar liefdespoezie voor maar liegt over haar tegen zijn dochters, zij stelt hem voor aan haar familie en hij gaat er zonder gedag te zeggen vandoor als zijn ex belt, hij neemt haar mee naar een sjiek hotel en laat haar halverwege het diner alleen achter omdat hij het gewoon niet kan, een nieuw leven beginnen.

Ze verdrinkt haar verdriet in een serie cocktails en wordt sochtends zonder schoenen wakker op het strand.

'Gloria' is een prachtige film over zelfbedrog (iets waar Rodolfo en Gloria zich allebei even schuldig aan maken), over behoefte aan aandacht, moeite met eenzaamheid, en het verlangen naar liefde zoals dat door alle generaties door alle tijden heen ervaren wordt.

Het verschil tussen Gloria en Rodolfo is waar het uiteindelijk over gaat. Ze zijn allebei bang, maar terwijl Rodolfo geen enkel risico neemt, en een nieuwe toekomst de rug toekeert, wil Gloria alles uitproberen. Ze maakt contact, ze wordt dronken, ze gaat op lachcursus, ze rookt de hash op die haar buurman voor haar deur verloren is. En als ze zich eenmaal gerealiseerd heeft dat de liefde die ze dacht gevonden te hebben niets anders was dan een leugen in de vermomming van liefde, voelt ze zich niet meer alleen - omdat ze zichzelf vindt.

Als ze zover is, kan ze een flauwe, maar welverdiende wraakactie uitvoeren op Rodolfo, en daarna in een opzichtig glitterjasje naar de bruiloft van een vriendin rijden. Daar zit ze eerst aan de kant van de dansvloer, een beetje melancholiek. Maar dan klinkt 'Gloria' van Umberto Tozzi uit de luidsprekers, en, eerst aarzelend nog, maar steeds zelfverzekerder, begint ze te dansen - met niemand, ze danst met zichzelf, en ze lacht en straalt.

Gloria schaamt zich niet. Ze zoekt en maakt fouten en ontdekt en verliest. En danst alleen, zonder eenzaam te zijn.

Inspiratie voor liefdeszoekers van alle leeftijden.



Friday, October 11, 2013

Zitten in je kamer, alleen

IMG_4073


Van de week zat ik in het cafe, alleen, zoals ik graag mag doen. Ik was niet echt Alleen, om verschillende redenen - in de horeca ben je natuurlijk nooit alleen, want er is altijd wel een barman die wat zegt, een andere cafe bezoeker die vraagt of je al klaar bent met de krant, of iemand die een opmerking maakt over het bier wat je aan het drinken bent. Bovendien wist ik dat er na een uur iemand naast me zou aanschuiven - en 'alleen zijn' begrensd door gezelschap, voelt heel anders dan 'alleen zijn' dat voorafgegaan en opgevolgd wordt door nog meer alleen zijn.

Maar ik was alleen genoeg om me te verdiepen in de krant, en daar las ik een mooi artikel van Philip Huff over Louis C.K., op wie ik dol ben, en zijn interview in Late Night met Conan O'Brien (kijk het filmpje hier) over waarom hij zijn kinderen geen smartphone geeft.

Nee, nu niet verveeld zuchten dat er al weer een komiek van bijna middelbare leeftijd zeurt over de moderne technologie. Daar gaat C.K.'s verhaal niet over. Huff legt het prachtig bloot in zijn stuk. Telefoons 'voorkomen dat je leert hoe je ongelukkig kunt zijn - en dus hoe je moet leven'.

Het publiek schaterlacht, als C.K. de tragiek van het menselijk bestaan in een paar zinnen opsomt:

"You need to build an ability to just be yourself and not be doing something. That's what the phones are taking away, is the ability to just sit there. That's being a person.
Because underneath everything in your life there is that thing, that empty—forever empty. That knowledge that it's all for nothing and that you're alone. It's down there.

And sometimes when things clear away, you're not watching anything, you're in your car, and you start going, 'oh no, here it comes. That I'm alone.' It's starts to visit on you. Just this sadness. Life is tremendously sad, just by being in it..."

Huff, in zijn commentaar, pleit ervoor om 'ruimte in je blik' te maken voor verdriet, omdat dat het ook beter mogelijk maakt om echte verbindingen te maken met elkaar. Ik denk dat hij gelijk heeft, maar ik denk ook dat de grens tussen echte en oppervlakkige verbindingen voor veel mensen (en daar hoor ik bij, bij die groep) zo vaag is geworden, dat we eerst maar eens moeten proberen om contact met onszelf te maken, met het alleen-kunnen-zijn als uiteindelijk doel.

Het vermogen om gewoon te kunnen zitten en zijn, is wat je tot een mens maakt. Of, zoals Blaise Pascal het zei in zijn
Pensees : "Al het ongeluk van de mens komt voort uit het feit dat hij niet in staat is alleen in zijn kamer te zitten."

En ja. Is er iets gewoner, en moeilijker, dan dat?

Ik ga zometeen een experiment uitvoeren. Ik ben alleen thuis en ga koken. Een activiteit waarbij ik, al zolang als ik een laptop heb die op het barretje in de keuken past, gezelschap gehouden wordt door Facebook, Gmail en mijn favoriete internetforums. Zodat ik terwijl ik wacht tot het water kookt even kan kijken wie wat waar heeft gezegd, en ik alvast kan bedenken of ik zelf nog wat te melden heb, vanavond.

Jaren geleden, in mijn pre-laptoptijd, schreef ik een stukje over hoe koken en eten voor mij, als volleerd piekeraar, 1 van de zeer weinige manieren was om volledig in het moment te zijn (er zijn nog een paar manieren, maar die laat ik aan jullie verbeelding over) - naar aanleiding van het mooie citaat van kokende Zen-monnik Edward Espe Brown:

When you wash the rice, wash the rice.
When you scrub the carrots, scrub the carrots.
When you stir the soup, stir the soup.

Ik herlas die blogpost net - een mooie verrassing, omdat ik best tevreden was over wat ik toen schreef, en blij was, dat al die mooie stukken gewoon bewaard blijven en in de digitale wereld blijven hangen, klaar om door wie dan ook ontdekt te worden. Maar het was ook een beetje confronterend, omdat ik besefte hoe lang het geleden is dat ik zo heb gekookt.. met de volledige aandacht voor het mes, de pan, de pollepel, de geuren, de texturen.

In alle glossy's en in alle zelfhulpboeken en in alle workshops gaat het, anno 2013, over mindfulness en in het moment zijn en de kracht van het nu en onthaasting en ik kan nog wel even doorgaan. We worden maar niet moe daarover te lezen en daarover na te denken, en tegelijkertijd lukt het ons niet, lukt het bijna niemand, om ook echt dat pad in te slaan. In plaats van te zuchten 'jaja nu weten we het wel'.. moeten we misschien langzaam tot het besef komen dat dit het is, dat dit het enige is, waar het echt over gaat?

In ieder geval blijkt het te zijn, waar ik nu het liefste over nadenk. Ik noem dit dus maar deel #2 in de serie over 'Hoe alleen te zijn'. Zie hier voor deel #1. En stay tuned voor meer.

* Naschrift.
Ik stond in de keuken en maakte Thaise currysoep. Ik sneed de uien en moest huilen, ik had mijn contactlenzen (de beste bescherming tegen uientranen) uitgedaan en mijn bril op en mijn 'ikganietmeernaarbuitenkleren' aan. De geur van gebakken ui die je bijna met alles op de hele wijde wereld kan verzoenen. Stukjes kip, currypasta, tomaten, verse gember. Dikzak kijkt toe met zijn verwonderde blik die slechts een vermomming is voor zijn hongerige blik (katten-etenstijd duurt nog minstens 2 uur). Ik ga met mijn Leffe Dubbel voor het raam staan en kijk naar de regen terwijl de soep zachtjes pruttelt. Ik bedenk me welke film ik zo zal gaan kijken. En dan piept mijn laptop. Iemand zegt iets. Iemand wil iets. Ik ga kijken, ik lees, ik zeg iets terug.

Ik ben er nog niet. Maar ik ga er naar toe.




Wednesday, October 9, 2013

Rolmodel

IMG_4542
Claudio Roncoli, Agua Dulce (2007)


Gisteravond zat ik, voor het eerst sinds tijden, een avondje op de bank tv te kijken.

Ik kijk bijna nooit tv. Ik kijk wel heel veel tv series - maar die komen op een andere manier bij me binnen, en daar kan ik dan van genieten zonder de onderbrekingen van reclames en vooruitblikken en 'dit programma wordt mede mogelijk gemaakt door.' Maar gisteren dus, ik was moe en zat met een bordje boerenkool met worst op schoot, zapte langs een film die veelbelovend leek, en bleef hangen.

En zo zag ik op 1 avond 3 keer de nieuwe commercial van supermarktketen Jumbo.
(Voor wie net als ik weinig tv kijkt en hem gemist heeft: het tweedelige filmpje is hier te zien.)
De eerste keer viel mijn mond een beetje open, de tweede keer kwam er stoom uit mijn oren, bij de derde keer zat ik me af te vragen: waarom maak ik me hier zo boos over?

Het lijkt gewoon een reclamefilmpje zoals er zo vele zijn. Het doel is natuurlijk duidelijk: wij, de kijkers, moeten ons identificeren met de mensen op het scherm. De mensen op het scherm doen boodschappen bij de Jumbo. Omdat wij willen zijn zoals de mensen op het scherm, en onszelf in die mensen herkennen, gaan wij ook boodschappen doen bij de Jumbo. Doel bereikt. Marketing directeur Moeken van de Jumbo formuleert het hier zo:

"Deze familie is zoals menig andere familie. Met een moeder die de wijste is, een vader die af en toe het vierde kind blijkt te zijn. Een puberzoon die niks wil, een dochter van ‘tututut’ en een nakomertje. Ze doen hun boodschappen bij Jumbo omdat het de fijnste supermarkt is voor gezinnen.(...)".

Op de site van Adformatie zegt Floor Bakhuys Roozeboom het iets anders, maar de boodschap blijft hetzelfde:

"De nieuwe Jumbo-campagne uit de koker van Alfred steunt op een beproefd reclameconcept. Roep een fictieve reclamefamilie in het leven met een kordate moeder, een onhandige vader en wat bijdehante kinderen eromheen en hopla: een glimlach van herkenning gegarandeerd."

Als ik een van de partners in zo'n relatie zou zijn, zou ik de hele dag tussen de schappen van de Jumbo lopen en me aan het eind van die dag met een paar speciaalbiertjes op zolder verstoppen.

Een groot reclamebureau en een landelijke supermarktketen kunnen als doorsneegezin niks anders verzinnen dan twee mensen die naast elkaar op de bank zitten maar eigenlijk allebei ergens anders willen zijn, die voor hun dagelijkse portie vriendelijkheid afhankelijk zijn geworden van het Jumbo-personeel, die het niet op kunnen brengen met respect over elkaar te praten. Zij behandelt hem als haar bezit, hij laat zich vrijwillig gevangen zetten. (En dan hebben we de interactie met de kinderen nog niet eens gezien. Het belooft wat).

Eigenlijk is het een meesterlijk filmpje. In 36 + 41 seconden krijg je een klein kijkje in de wereld van Lieke en Bas, en dat kijkje is genoeg om er een compleet en gruwelijk scenario omheen te verzinnen: je ziet Lieke op woensdagavond klagen tegen haar vriendinnen dat Bas haar ook nooit meer eens 'zomaar' aanraakt, en niet naar haar luistert als ze vertelt over de ruzie met haar collegaatje op het werk, en misschien als ze na het sporten een paar wijntjes op heeft vertelt ze dat ze er achter kwam wat hij savonds als zij al naar bed is voor internetsites bezoekt, maar daar hoeft ze het eigenlijk met haar vriendinnen niet over te hebben want daarover heeft ze op het VIVA-forum al het zoveelste 'help mijn man kijkt porno' topic geopend.

Hij werkt net iets langer over dan nodig is, niet alleen omdat hij stiekem verliefd is op een collega, maar ook omdat zo gauw hij een voet over de drempel van zijn eigen huis zet, te horen krijgt wat hij allemaal vergeten is, had moeten doen, verkeerd heeft gedaan, en waarschijnlijk morgen zal nalaten te doen.

De doorsnee relatie, die en glimlach van herkenning teweeg moet brengen, is de relatie waar ik nog niet dood in gevonden wil worden.

Beste mensen van de Jumbo en Alfred. Er zijn een hoop mensen die vast zitten in een ongelukkig huwelijk. Er zijn een hoop kinderen die dagelijks als voorbeeld van communicatie en 'liefde', twee mensen zien die elkaar niet meer in hun waarde kunnen laten. Die mensen hebben geld en moeten boodschappen doen. Maar wat jammer, wat zonde, dat jullie er niet voor kozen om andere relaties en andere gezinnen in beeld te brengen. Die laten zien dat het best mogelijk is om meer dan 10 jaar bij elkaar te zijn en het niet erg te vinden dat je man soms niet weet hoe lang het precies geleden is dat je elkaar leerde kennen. Dat het best mogelijk is om taken in huis te verdelen zonder in een eeuwigdurende cirkel van schuld en boete en verwijten terecht te komen. Dat het best mogelijk is om iemand met wie je samenleeft niet als je bezit te zien, en dat het mogelijk is om, al woon je met iemand samen, je vrij te voelen.

Dat het best mogelijk is om na 12, o nee 13 jaar, doodgewoon aardig tegen elkaar te zijn.

Het zal de treurige waarheid wel wezen, dat de meeste huishoudens bestaan uit Liekes en Bassen. Gelukkig ken ik een vrolijker waarheid, in mijn eigen leven en dat van heel veel anderen.

Ik ga vandaag maar eens naar de Deen.




Monday, October 7, 2013

Op het randje

2013-09-28 13.23.07

"Ik ga even weg, tot straks. O ja, ik heb geen telefoon bij me."
"O? Wat ga je doen dan?"
"Wandelen, en boodschappen."
"Maar hoe lang blijf je weg dan?"
"Weet niet... een paar uur denk ik."
"Maar dan ben je dus niet bereikbaar!"
"Nee... net als vroeger, ben ik dan even niet bereikbaar. Tot straks!"

Voor de duidelijkheid: dit gesprek zegt veel, veel minder over de behoefte van mijn huisgenoot om te weten waar ik ben en wat ik doe, dan over mijn eigen behoefte om altijd bereikbaar te zijn en altijd te kunnen bereiken. Ongeveer dagelijks neem ik me voor om die electronische verbinding met de grote buitenwereld eens even een tijdje uit te zetten, en het lukt me maar hoogst zelden. Nu ga ik aan de wandel, in het park, zonder telefoon.

De zon schijnt en de bomen zijn aan het kleuren en de lucht is poederblauw, en het eerste half uur denk ik zo'n 20 keer 'wat jammer dat ik geen telefoon heb..' om foto's te maken, en die op Facebook te zetten, of aan mensen op te sturen, wish you were here.

Na een half uur wordt dat beter. Wel gaan de virtuele dialogen en monologen in mijn hoofd, met mensen-aan-wie-ik-nog--iets-te-zeggen-heb, onafgebroken door, en niet piekeren over dat ene werk-ding lukt ook niet echt, maar toch ben ik best tevreden over mijn experiment.


Aan het eind van mijn wandeling drink ik op een terras een kopje koffie. Ik lees de krant terwijl links en rechts van mij mensen op hun telefoon door het dagelijkse nieuws scrollen.
Een dierbare vriend fietst langs, roept mijn naam, stapt af en we omhelzen elkaar.

Hij vraagt: "Hoe was je vakantie? Ik heb je blog niet kunnen volgen, want mijn computer is stuk."
"Ha," zeg ik. "Dan wordt het nu wel heel ingewikkeld om ooit nog wat af te spreken!"
HIj heeft geen mobiele telefoon, en zo lang als ik hem ken, leest hij maar 1 keer per 3 dagen zijn mail. Dat was al een grote uitdaging voor mij, de controlfreak die graag gisteren antwoord wil op al haar vragen.
"Ik heb je telefoonnummer toch?" zegt hij.
"Oja."
"Het is best heel lekker rustig, zo zonder computer," zegt hij.
"Ja, dat zal jij wel vinden," zeg ik, en ik weet niet of ik jaloers ben of medelijden met hem heb. Misschien heb ik gewoon medelijden met mezelf.
"Nou, ik bel je," zeg hij en stapt op zijn fiets en rijdt weg. De herfstzon danst in zijn donkere krullen. Ik bedenk dat ik alles over hem zou kunnen schrijven wat ik wil, hij zal het toch nooit lezen. Ook denk ik aan de mail die hem kan sturen, een prachtige en betekenisvolle mail die verdwijnt in het inktzwarte gat van zijn kapotte laptop en voor altijd blijft rondzweven, ongelezen, nooit ontvangen, nooit verbonden.

Als hij aan het eind van de straat is draait hij zich om en zwaait. Ik ben blij dat ik hem heb nagekeken, in plaats van met mijn hoofd in de krant te kruipen alsof ik alweer aan het lezen was.
Ik werp hem een kushand toe, verbindingsteken uit lang vervlogen tijden dat ineens heel toepasselijk lijkt. Zijn antwoord-glimlach neem ik mee de dag in.

Saturday, September 28, 2013

Girl in the City

We zijn in een echte stad. Met parkeerproblemen en files, te dure hotels die te ver uit het centrum liggen (want de hotels in het centrum zijn nog veel duurder). Maar ook met: geweldige winkels, fantastisch eten, mensen die zich een beetje opdoffen (dat heb ik in geen 3 weken gezien).

2013-09-27 10.57.43
Ik werd ontzettend gelukkig bij de Savory Spice shop, waar ze alle denkbare soorten kruiden en specerijen en mengsels en blends en rubs verkopen. Het ruikt er zalig en je mag alles proeven, alleen de pot met de heetste peper ter wereld blijft dicht - die kun je alleen proeven in de versie waar hij gemengd is met zout.
Je kunt alles kopen in elke hoeveelheid, in plastic zakjes, en dat is ook al zo fijn voor de wereldreiziger die voor sommige mensen iets kleins maar fijns wil meenemen zonder dat de koffer meer dan 23 kilo gaat wegen.



IMG_4558


Daarna gingen we lunchen bij The Market. Een unieke plek die zowel winkel, deli als restaurant is, met een chaotische maar toch gesmeerd lopende 'bestelstructuur' (op hun site is er een hele pagina gewijd aan 'how it works' en toch snapte ik het niet helemaal), maar iedereen was enorm behulpzaam en ik kreeg mijn favoriete brunch, hoewel die als zodanig niet op de kaart stond: beboterde toast, met daarop een plak enigszins smeltende kaas, over easy eieren, bacon en groene chilisaus (nou ja, die laatste stal ik van Dennis' breakfast-burrito.)
Dat we deze plek vonden was geen toeval. De vorige avond waren we bij Trinity aan de praat geraakt met een leuke local. Hij herkende onze taal omdat hij ooit als 20-jarige verliefd was geweest op een Nederlands meisje - zij woonde met haar ouders in de VS, en het voornaamste wat hij zich van de relatie leek te herinneren was de moddervette boterkoek die de moeder van zijn liefje voor hem bakte. We hadden een aangenaam bar-gesprek over Europa versus VS, bier, wandelen en eten. 'Gaan jullie naar Denver? Dan MOET je naar.. ah shit ik weet niet meer hoe het heet.. het is een heel bijzondere plek, in de buurt van.. ik weet het niet meer, het is zo lang geleden dat ik er was'. Het barmeisje werd te hulp geroepen en zij wist ook niet hoe het heette, maar wist wel dat het in de buurt van Larimer Street was, en Google deed de rest. Thanks, Scott!

IMG_4557

Er was nog een shopping sessie (dank u, creditcard) en daarna een fantastisch diner bij Euclid Hall. Denk: een duitse bierhal met worst en mosterd in alle mogelijke variaties. We aten 4 soorten worst, 4 soorten pickles, 4 soorten mosterd, gegrilde kool, friet met bacon aioli. O, en hoofdkaaskroketjes met pruimensaus.

IMG_4565

IMG_4563

Denver by night.

2013-09-27 20.18.57 copy

We hebben nog 1 dag, met een gepland museumbezoek en nog wat shoppen misschien, een Aziatisch diner, en dan klimmen we morgen in het vliegtuig, verliezen ergens de acht uur die we drie weken geleden cadeau hebben gekregen, en zijn weer thuis.

Tot dan!

Thursday, September 26, 2013

Hoe tappen we vandaag

IMG_4532

Chorizo met vijgen bij Tapateria.


IMG_4541
Things to love about America: verlaten parkeerplaatsen in rare buitenwijken waar dan plotseling (nu ja, niet zo heel plotseling - er was research gedaan door de reisleider natuurlijk) hele leuke bierbrouwerijen opdoemen.
We hadden interessante gesprekken met de barman over het verschil tussen 'cask' bier (getapt met een pomp zoals die in Engelse pubs wordt gebruikt), CO2-bier (getapt met een tap zoals wij die kennen) en nitro bieren (erg hip in de US, zie hier voor uitleg).
We dronken er ook wat bij, maar lieten ons niet helemaal gaan omdat we nog met de auto naar huis moesten rijden. Vanavond gaan we terug, en te voet, zodat we de Slap yer mammy double IPA eer aan kunnen doen.


IMG_4534

Beetje cultuur? Hockney in het Colorado Springs Fine Arts Center.

2013-09-26 10.35.52

En daarna een zonnige lunch bij La'au's Taco Shop. Mahi mahi met Baja spice rub, mais en mango salsa voor hem, kip gemarineerd met pindakaas en miso, groene papaya en mango salsa voor haar.

IMG_4550

Zo moeilijk is het niet, mensen. Fris, gezond, spicy, bevredigend, goedkoop fastfood. Wie opent er een taco winkel in Amsterdam?

Wednesday, September 25, 2013

Another Poem for Nick & Minnie

(#1, see here)



Five years ago, a whim, taking chances
Who knows what will happen?
We might walk the frozen streets of Tallinn
have cocktails in Nola, sing with the Indigo Girls
Drink Juttertje in Amsterdam, Tequila in Santa Fe.

Plans and dreams and planes will take us anywhere
and who we are with and who we love
and what we do -
it does not change a thing.

And now we are four, and can this get even better?
From sharing our thoughts and eating buffalo,
to being inspired, being brave, and going forward.

"I want you to try this!
We became obsessed with it!"

I will try anything, literally -
and just like rosé, we are only gone for the season.
What shall be next?

Klimwerk

2013-09-25 11.24.47


Wandelen maar weer - over iets minder aangeharkte paden dan gisteren. We raakten zelfs een beetje verdwaald, hoewel dat in Amerikaanse natuurparken erg moeilijk is.


IMG_4518



Maar eerst nog even het eten van gisteren. Op de foto ziet het er misschien niet zo fraai uit, maar het was geweldig - mac & cheese met bacon en jalapeno's, spruitjes met Koreaanse chilisaus, polenta en citroen, en (niet op de foto) geroosterde bloemkool met rode miso, basilicum en cashews, gebraden kip met bruine boter/appelsaus, gepocheerde appel en lenteui. Dit alles bij Nosh, waar we bijna weg waren gelopen omdat het er raar en gezocht hip uitzag, de muziek stom was en de verlichting onaangenaam. Gelukkig bleven we.

2013-09-25 11.02.04


IMG_4523

We hebben het vakantieritme inmiddels helemaal te pakken. Vroeg ontbijten, dan een beetje internetten, dan een wandeling of culturele activiteit inclusief lunch of picnic, dan ergens koffie en thee drinken en naar de mensen kijken, lezen/dutje/opfrissen in het hotel, drinken, eten, vroeg naar bed. Uitspoelen en herhalen, zoals ze hier zouden zeggen. Ik zou dat best nog heel lang vol kunnen houden.. jammer dat het einde van deze reis al weer opdoemt.

IMG_4526


Tuesday, September 24, 2013

Godentuin

Het is weer tijd voor een beetje natuur.

IMG_4501


2013-09-24 12.27.35


IMG_4483


We wandelen in de Garden of the Gods, Colorado Springs - met uitzicht op Pikes Peak. Het natuurpark is een beetje Ikea 'zo zie je alles', met geasfalteerde wandelpaadjes enzo, maar zoals gewoonlijk in Amerikaanse natuurparken - als je wat verder loopt dan de meeste bezoekers, laat je de puffende Amerikanen op teenslippers makkelijk achter je en heb je het uitzicht voor je alleen. En kun je in alle rust de vogelpopulatie bestuderen.

IMG_4512


IMG_4502

Lunch. Na anderhalve week ben ik eindelijk bezweken voor 1 van mijn grote Amerikaanse verleidingen. Reese's Cups! De variant met donkere chocola.

Walter, en Wide open spaces

IMG_4458


De een-nalaatste aflevering van Breaking Bad. Op een echte tv, in een echte huiskamer, met pizza en wijn, in een huis waar niet zo lang geleden (sorry - saillant detail wat ik niet onvermeld kan laten) 1 van de hoofdrolspelers van BB op visite is geweest. Weer nieuw bewijs voor dit?

Anyway, wat belangrijker is: Walter White! Met haar! En meer zeg ik er niet over. Volgende week is het voorbij. Dan begin ik misschien alle afleveringen wel weer overnieuw te kijken, want nu er losse eindjes samenkomen, heb ik steeds meer het gevoel dat ik niet goed heb opgelet en een hoop nuances heb gemist.

IMG_4466


De volgende dag, onderweg van Santa Fe naar Colorado Springs, achtervolgd door de prachtigste zonsondergang, door het meest uitgestrekte en verlaten landschap.

IMG_4471


IMG_4474


IMG_4476

Monday, September 23, 2013

Hot hot hot

De Santa Fe Farmers market, met pepers in alle soorten en maten en kleuren.

IMG_4414


IMG_4418-1


IMG_4410



IMG_4422-1


De ster van de show is de groene New Mexican Chile. September in New Mexico ruikt naar deze chili's, die, vers geoogst, in grote ronddraaiende 'ovens' geroosterd worden zodat New Mexicans de hele winter van deze (ingevroren) delicatesse kunnen genieten. Het is een heel bijzondere geur, die ik 5 jaar geleden voor het eerst rook en nu meteen herkende als iets wat heimwee opriep - zoet, warm, kruidig, vurig.

Op de markt: kaasbroodje met groene chili.

IMG_4408

Sunday, September 22, 2013

Various shades of pink

Uitzicht met hop en uitzicht met ondergaande zon.

IMG_4431


IMG_4436


IMG_4439

Burgerbar.
IMG_4443

Mezcal en een rondje Cards against Humanity. Ik won, best een prestatie in een taal die niet de jouwe is. (En ik win nooit wat).
IMG_4448

Saturday, September 21, 2013

Mmmmmm margarita's

Nou ja, we begonnen met bier.

IMG_4370


O nee, eerst deden we nog wat cultureels:
IMG_4356


Mooi werk van Jennifer Joseph in het New Mexican Museum of Art.

Na het bier (bij de Marble Brewery) namen onze gidsen ons mee naar The Shed.

IMG_4380

Het margarita menu. Eerste levensles van de avond: when in doubt, order a Silver Coin. Dan krijg je een simpele margarita met witte tequila en Cointreau (volgens de kenners superieur aan een margarita met Triple Sec).

The Shed is een echt New Mexican restaurant. Je kiest je hoofdgerecht, een of andere vorm van vlees, vis of kip in een zachte of knapperige maistortilla. En dan kies je je chili saus: rood, groen, of 'Christmas' - een combi van rood en groen. Gebakken ei met zachte dooier erop, veel zure room en extra saus, bonen en pozole erbij, en je hebt zo'n 20 minuten niks te zeggen.

IMG_4397


IMG_4396


Er volgde nog een ander cafe, met meer Silver Coins, een ontmoeting met local Becky (van wie de tweede levensles kwam: 'everything looks better in skintone fishnets') en nog een ander cafe, met Bulleit Rye Bourbon, en daarna een wandeling door nachtelijk Santa Fe en een lange nachtrust om van alles bij te komen.

IMG_4398


Straks worden er hamburgers voor ons gegrild.
Het leven is mooi.